Pinkpop (3)
De laatste Pinkpopdag. Een hete én een drukke. Volle bak naar verluidt en derhalve veel dagjesmensen. Aapjeskijkers en aan hun plek vastgeroeste eenkennige Springsteenfans, die niet bevorderlijk zijn voor de sfeer gedurende de overige main stage optredens. Weinig ‘festivalgevoel’ dus. Desondanks is het weer genieten in Landgraaf, met een biertje in de zon, want het leukste feestje bouw je toch echt zelf. Volgend jaar weer!
Blood Red Shoes Een verademing na Gers Pardoel (die ik verder wijselijk onbesproken laat). Gewoon rocken met z’n tweetjes. Drums en gitaar, meer hoeft het soms niet te zijn. Voor een half uur, want daarna begint het gebrek aan afwisseling en uitstraling zich toch te wreken. (7)
Seasick Steve Oude hilbilly met baard speelt standaard bluesdeuntjes op zelfgemaakte instrumenten. Toen ik hem voor het eerst zag was het opzienbarend en boeiend, de tweede keer gewoon grappig. Nu zie ik alleen nog een man die een trucje doet en hoor ik middelmatige blues. (6)
The Specials Neville Staple ligt ziek in bed en dat is te merken. Zonder de gezichtsbepalende frontman en publieksmenner die ook als zanger en scatman geluidsbepalend is wordt de schuchtere Terry Hall op de voorgrond gedwongen en ontbreken de gezamenlijke strapatsen met (vooral) Lynval Golding, die nu het woord voert, er verloren bij loopt en wat vocalen voor zijn rekening neemt. Gezien de omstandigheden spelen The Specials een lekkere set die echter nooit resulteert in het gehoopte feest. Vanwege genoemde omstandigheden en omdat het moeilijk skanken is tussen aan hun plaats vastgeplakte Springsteenfans en Mumfordmeisjes. En geloof me, we hebben het geprobeerd. Damn, het had zo veel mooier en beter kunnen zijn in volle bezetting én op de 3FM-stage… (8)
James Morrison Wat een stem komt er uit dat blanke menneke. Je vermoedt met de ogen dicht een volslanke negerin maar ziet een Chris Martin lookalike. Met een band om U tegen te zeggen. Zijn soulpop is wat braaf en zoetsappig maar de uitvoering maakt veel goed. Halverwege zakt de boel ernstig in wegens te veel geneuzel en slap gedoe maar de afsluiting met een kleine hand vol hits trekt de zaak weer recht. (7)
Bruce Springsteen Het is even doorbijten, het eerste half uur. Polka en Gospel. Véél Gospel. Véél te lang uitgerekt met te veel geouwehoer. Maar als The Boss daarna loskomt komt ie ook goed los en toont hij zich de best denkbare headliner voor een groot publieksfestival als dit. Een hand vol hits ontketenen een volksfeest tot op de achterste rijen en de manier waarop Springsteen het publiek weet te bespelen is, zoals bekend, uitmuntend. In hoeverre het allemaal oprecht of geacteerd is, is een vraag die er al lang niet meer toe doet. Springsteen biedt topvermaak in een uitstekend muzikaal jasje. (8)
Pinkpop (2)
Heet. Minder wind dan op zaterdag, meer mensen. Wederom geen topprogramma maar genoeg krenten in de pap om tussen het bieren en socializen door de oren te verwennen. Inclusief een swingende verrassing op de Converse Stage en de allerslechtste Pinkpopband ooit!
The Hungry Kids Of Hungary Houd ik na twee nummers voor gezien wegens het zoveelste blije spingpopbandje. Been there, seen that… Te kort om te beoordelen. -
Racoon Vaak vervelend, soms wel aardig, naar het einde toe ineens best lekker. Te veel gezichten en te veel covers. Weet bljkbaar niet wat ze wil. (6)
Mastodon Zware, logge, technisch begaafde sludgemetal. Strak, overdonderend en soms met een heftige groove. Pedal to the metal, dwars tegen alle Pinkpoptrends in. Wil haar kundigheid soms te vaak binnen één nummer etaleren waardoor het na een dik half uur een beetje taai wordt. (7)
Kyteman’s Orchestra De James Last van de hiphop. Holle bombast. Stuurloze pretentieuze nietszeggende zelfbevlekking zonder enige diepgang. Het ultieme niets verpakt in een moddervette laag goudverf. Volgend jaar André Rieu? (1)
Sharon Jones & The Dap Kings Soul in zijn puurste vorm. James Brown is dood, leve Sharon Jones en haar hete, dampende, groovende en boven alles perfecte band. Een verademing op het ingekakte Pinkpop. (9)
Soundgarden Nee, het is niet meer zo allesoverdonderend als twintig jaar geleden. Chris Cornell klinkt wat ieler, de geluidsmuur is iets beschaafder en de ingetogen nummers zijn wat rommelig. Maar als het écht losgaat, zoals bijvoorbeeld tijdens het superkwartet ‘Jesus Christ Pose’, ‘Rusty Cage’, ‘Outshined’ en ‘Slaves & Bulldozers’ is het beestachtig zo niet subliem. (8)
Linkin Park Sexloze metal-emo-hiphop mix voor de kids. Over the top, aalglad en van elk rafelrandje ontdaan. En daar stoor ik me als old-school headbanger dan aan. Of ik moet er smakelijk om lachen. Maar ik behoor dan ook niet tot de doelgroep, wegens zo’n 25 tot 30 jaar te oud. Toch kan ik niet ontkennen dat de band een strakke, geraffineerd opgebouwde en superstrakke show weggeeft en tot ver achter de geluidstoren het publiek meekrijgt. Op zijn Amerikaans, zonder hart en ziel, en van begin tot eind geregisseerd. Maar wel met ballen én een stukje ‘Sabotage’ als eerbetoon aan Beastie Boy Adam Yauch. (7)
Tot morgen…
Pinkpop (1)
De Pinkpopzaterdag in een notendop. Omdat er al genoeg over is en wordt geschreven en omdat we snel weer naar de wei moeten.
Moss Typisch Nederlands bandje. Middelmatig dus. Leuk voor aan de bar maar het valt ons niet eens op als ze stoppen. Het ene oor in het andere uit. (5)
Kyuss Lives! Who needs Josh Homme? Vuig, smerig, zwaar, vet, psychedelisch. Stoner dus. Zoals het hoort. En een verademing op een muzikaal armoedige Pinkpopdag. (8)
The Afhgan Whigs Komen schrikbarend rommelig en vals uit de startblokken maar hebben na drie nummers de zaakjes eindelijk op een rij. Vanaf dat moment soms subliem, soms heel aardig maar niet bijzonder genoeg om me tot het einde in de tent te houden. (7)
Anouk Dertien-in-een-dozijn-rock zoals van haar gewend. Anouk hangt afwisselend de getormenteerde moeder en stoere rockbitch uit en de vrouwtjes op het festival eten weer uit haar hand. Zelfs peutert ze in haar neus en keurt ze haar band geen blik waardig. Misschien dat ze daarom geen fatsoenlijke begeleiders meer weet te vinden, want waar ik voorheen de vet rockende band achter de over het paard getilde zangeres nog wel eens kon waarderen was het nu louter muzikale middelmaat. Net als Anouk zelf, wiens uiterste houdbaarheidsdatum nu definitief overschreden lijkt. (5)
The Cure Voor mij de absolute winnaar van de dag. Afwisselende set, sfeervolle show, uitstekende muzikale uitvoering. Robert Smith is en blijft een icoon en is verrassend goed bij stem. En extra kudos voor Reeves Gabrels. Gitaarheld! (9)
Will And The People ontbreekt omdat ik op dat moment geen zin had om de bloedhete tent in de kruipen. En nu over tot de orde van de dag: Hungry Kids Of Hungary, Sharon Jones And The Dapp Kings maar vooral Mastodon en… SOUNDGARDEN!
Wordt vervolgd…
Judas Priest / Saxon - Rodahal, Kerkrade (24-5-2012)
Naarmate het optreden vordert sjokt Rob Halford steeds meer als een krasse knar over het podium in een glitter-outfit die je eerder bij De Toppers verwacht. Maar hij komt er mee weg. Sterker nog, als hij tijdens en na het afsluitende ‘Living After Midnight’ met de tekst ‘Metal God’ achter op zijn vest over het podium paradeert is dat meer dan terecht en rest er niets dan een ovationeel en uitbundig applaus én torenhoog respect.
Ga er maar aan staan, vlak voor je 61ste verjaardag. Na meer dan 42 jaar on the road, tijdens een show die alweer de 119e is van de huidige afscheidstour en die in Kerkrade na een dikke twee uur met veel muzikaal en visueel spektakel ten einde kwam. Judas Priest, de meest invloedrijke metalband sinds de oude Black Sabbath gaat er mee stoppen maar niet zonder nog één keer de wereld rond te reizen om haar trouwe fans te belonen met een old school metalshow vol oude krakers, publieksfavorieten en genreklassiekers.
De band, buiten Halford met gitarist Glenn Tipton en bassist Ian Hill als survivors van de klassieke bezetting, speelt strak en vol pit en de überfrontman zelf is nog steeds gezegend met een krachtige strot, duivelse sneer en weet de hoogste tonen nog geregeld te bereiken. ‘Victims Of Change’, ‘Diamonds And Rust’, ‘The Sentinel’, ‘The Green Manalishi’, ‘Painkiller’, ‘Turbo Lover’, ‘Hell Bent For Leather’, ‘You’ve Got another Thing Coming’, ‘Beyond The Realms Of Death’… allemaal komen ze voorbij in de volle, bloedhete, dampende Rodahal. De zaal waar Judas Priest in 1981 ook al passeerde tijdens de ‘Point Of Entry’ tour, samen met die andere steunpilaren van de New Wave Of British Heavy Metal: Saxon.

En laat díe band vandaag ook weer als support present zijn. Inclusief de ietwat norse frontman Biff Byford en oudgedienden Nigel Glockler en Paul Quinn. Die laatste twee op respectievelijk drum en gitaar. Lang niet zo scherp als the Priest, wegens een beduidend mindere sound en soms slordig qua uitvoering maar desondanks onderhoudend, amusant en een garantie voor een ouderwets potje headbangen op een handvol metal-evergreens. Maar dat alles kan niet verhullen dat Saxon er eigenlijk vooral nog uit jeugdsentimentele redenen toe doet waar Priest nog steeds in de Championsleague van de metal opereert en ons nog één maal laat zien hoe het hoort.
Naar het einde toe laten Halford en zijn mannen mijn aandacht soms even verslappen. Een paar mindere songs, soms iets teveel gepiel en de Freddie Mercury-singalongmomenten van Halford. Van die dingen. Maar bloody hell wat komt het uiteindelijk weer allemaal goed in de toegiften. Met ‘Living After Midnight’ als zinderende grande finale.
Na afloop strompelt Halford vermoeid over het podium om zijn publiek nog één keer op te zwepen. De Metal God die er geen genoeg van kan krijgen. De heerser die het tijdens ‘Breaking The Law’ klaarspeelt het publiek en masse de volledige zangpartij voor haar rekening te laten nemen. Dat zegt iets over Halford, over de betreffende song én over Judas Priest. Hard werkende band uit kolen- en staalstad Birmingham. Vanavond op een industrieel opgetuigd en van twee rokende koeltorens voorzien podium in onze eigen Black Country. Defenders of the faith. Op de voorlaatste dag van haar afscheidstour.
Halford lijkt ontroerd. Een deel van het publiek ook. En dan is er op het allerlaatst, bijna vanuit de coulissen, die laatste schreeuw: “Judas Priest will be back!” Hij kan het blijkbaar niet laten. Wij gelukkig ook niet.
De heersende foto’s zijn van Andrea Beckers / Beckflash fotografie.
Want more, lees OOR.
Scumbag - Cultuurhuis, Heerlen (5-5-2012)

En ineens heeft Heerlen weer een band die de tongen losmaakt. Podium- en backstageveteranen Paul Seek (bas), Marcel van de Berg (zang), Luc Peters (drums) en Justin Persey (gitaar) brengen Rock met een hoofdletter R. Soms bluesy, soms heavy, soms funky maar altijd met hart en ziel. Het debuutalbum is in aantocht en meer optredens staan in de planning. Daughters lock up your mothers, here’s Scumbag!
Meer foto’s hier.
Hit Me TV / Rebel Soul Collective - Nieuwe Nor, Heerlen (4-5-2012)
Ik had de naam wel al eens gehoord maar verder zei het me niets. Ik ben, op zijn zachts gezegd, niet zo’n fan van de Nederpop. Zelden origineel, veelal over het paard getild en te vaak te matig. Hit Me TV? Zal wel weer zo’n gehyped 3FM bandje zijn…. How could I be so wrong?

Niks hype, daarvoor is de zaal met amper 45 bezoekers veel te leeg. En 3FM bandje? Dat zouden ze willen bij de brave mainstreamzender. Hit Me TV laat zich niet in een hokje plaatsen en is boven alles een toonbeeld van kwaliteit en bescheidenheid tussen het merendeel der Nedermeuk zoals die doorgaans vanuit Hilversum en Amsterdam over ons wordt uitgebraakt. Het grootste verschil: Hit Me TV weet te verrassen.
Eighties pop, indie, wave, disco, dance, rock… Hit Me TV slalomt er langs, pikt er de gewenste ingrediënten uit en levert een rijk geschakeerde set af die bol staat van de afwisseling en muzikale kwaliteit. Is het mogelijk om binnen één nummer zowel als The Cribs en als Toontje Lager te klinken? Hit Me TV doet het gewoon. Wanneer op stoom en in de dansmodus moet ik af en toe aan een band als Infadels denken. Maar dan met zo’n heerlijk ‘foute’ Jan Hammer eighties keyboardsound en een overdosis lef. En met Jaap Warmerhoven, een meer dan voortreffelijke zanger en frontman die net zo makkelijk zijn kwetsbare kant toont. Bijvoorbeeld tijdens een solo uitgevoerde ballad. Door het constante niveau van de songs, de akelig perfecte uitvoering en het bijzondere stemgeluid van Warmerhoven, die zich ergens tussen Brian Molko (Placebo) en Geddy Lee (Rush) begeeft, ontstaat er ondanks de variatie wel degelijk een eigen smoelwerk en verveelt Hit Me TV geen moment. Bovendien laat het vijftal zich niet uit het veld slaan door de teleurstellende opkomst en werkt het zich voluit in het zweet.

En dan te bedenken dat ik aanvankelijk naar de Nieuwe Nor ben gelokt door voorprogramma Rebel Soul Collective uit Nottingham, UK. Ook dansbaar en met een stevige voet in de indie maar duidelijk minder een eenheid dan de headliners. Puike set, dat wel. Lekkere nummers ook. Eigenlijk is er buiten het matige geluid heel weinig mis met dit collectief. Postpunk, punkfunk zoals we haar al eerder hoorden maar dan met meer dance-, wave- en zweefmomenten. Soms neurotisch als Bloc Party, dan weer episch als Kasabian. Rebel Soul Collective zou ondanks enkele minder sterke songs, laat op de avond in een lekker gevulde festivaltent een aardig feestje teweeg hebben gebracht maar in de nagenoeg lege Nieuwe Nor zit dat er op dit vroege tijdstip helaas niet in.
Gelukkig komt het later allemaal nog goed in Heerlen. Terwijl de Engelsen zich naar Amsterdam spoeden voor een nachtelijke show in Winston. Hopelijk voor een groter publiek maar hoe dan ook met de zekerheid dat ze niet overschaduwd worden door één van de beste Nederlandse bands van dit moment. Hit Me TV, gaat dat zien!
Meer foto’s hierrr.
Brookpop - Sportpark Schurenberg, Hoensbroek (22-4-2012)
Waar het festivalseizoen beter te beginnen dan bij het Hoensbroekse Brookpop? Immer sfeervol, uitstekend georganiseerd en telkens weer met een puike, spannende line-up. Head Music viste, regen en kou trotserend, de krenten uit de pap.
Het mooie van Brookpop is dat het naast de gevestigde namen en publieksfavorieten op de Mainstage, ook veel ruimte en aandacht besteedt aan jong en regionaal talent. Zo is er een intieme huiskamertent en dit jaar voor het eerst ook een caravanstage voor de allerjongste rockers en rappers. Met drie podia, een twintigtal acts en de nodige randanimatie lijkt Brookpop zowaar op een miniatuurversie van Pukkelpop. En dus valt er ook nog één en ander te ontdekken. Zoals bijvoorbeeld de amusante jeugdige branie van het hardrockende powertrio Newborn Attitude en het pittig funkrockende The People. Een stel fanatieke jongelingen die als beloning voor hun spetterende caravanshow aan het eind van de dag een tent verderop mogen afsluiten.

Dé ontdekking van de dag is echter het duo Cees en Mees. Cees Maessen drumt, Mees Hamer speelt gitaar en zingt. Samen zetten ze op ontwapenende wijze een stevige portie vuige bluesrock neer die veel liefhebbers blijkt aan te trekken. Cees geneert zich niet om ons al binnen tien minuten op een old school drumsolo te trakteren, Mees gebruikt de metalen paal die de tent overeind houdt als king size bottleneck en onderwijl staat hun op White Stripes leunende sound als een huis. Het eerste hoogtepunt van de dag is dan een feit. Cees en Mees spelen met schijnbaar gemak alle andere bands in de huiskamertent van het podium, de ietwat saaie Nu Of Nooit-winnaar Major Tom en dancebelofte Småland incluis.
Vervolgens klinken ook Yori Swart en haar, overigens uitstekend musicerende, band ineens heel erg glad en braaf en komt zelfs Neerlands indiehoop The Sugarettes een tikkeltje voorzichtig over. Terwijl haar puike, op Throwing Muses, Raveonettes en Sonic Youth gestaafde gitaarrock uitnodigt tot meer. We gooien het voorlopig maar op de hoge verwachtingen, de grootte van het podium en de sfeerloosheid van de matig gevulde festivaltent en gaan er vanuit dat The Sugarettes in een kleine dampende setting veel beter tot haar recht komt.
Brookpop zou Brookpop niet zijn als het niet minimaal twee Belgische top acts op haar affiche zou hebben staan en met Horses On Fire en A Brand wordt die verwachting overtuigend ingelost. De eerste doet aan stoner-achtige gitaarrock volgens het boekje. Minder brutaal dan gehoopt maar dankzij een prima en gedreven uitvoering goed te pruimen. A Brand is vervolgens een stuk spannender en niet alleen vanwege haar onorthodoxe podiumopstelling (waardoor we drie kwartier tegen de bilspleet van drummer Frederik Heuvinck aan moeten kijken). Nee, het is toch echt haar pittige mix van muzikaal vakmanschap, stoere rock-attitude en eigenzinnigheid die haar boven het maaiveld uittilt. De songs zijn stevig aangezet, catchy en worden gekenmerkt door vette gitaarmuren, dansbare ritmes en aangename refreinen. A Brand smaakt na 45 minuten naar meer. Wordt vervolgd.
Tenslotte is het aan De Heideroosjes om de goed opgewarmde tent helemaal plat te krijgen en een betere headliner had Brookpop zich dan ook niet kunnen wensen. De punks uit Horst zijn bezig met hun afscheidstour en dragen voor uit een dikke twee decennia Heideroosjesrepertoire. Nagenoeg alle gewenste klassiekers komen, al dan niet in medley-vorm, voorbij. Onopgeschmuckt, loeihard en energiek, zoals het hoort. Terwijl het kwik buiten daalt richting vijf graden Celsius geraakt de zaal al binnen drie nummers op stoom en krijgt Brookpop 2012 de knallende afsluiter die het verdient. Prettige chaos in het voorste deel van de tent, blije gezichten daar achter. Feest.
En dan zit alweer een geslaagde editie van Brookpop er op. Alweer zonder enige wanklank. Letterlijk en figuurlijk. Of er een vierde jaargang komt laat de organisatie, getuige haar afsluitende woorden, nog in het ongewisse. Bewust of onbewust, dat is de vraag. Laten we hopen op het laatste want Brookpop heeft zich na drie sterke jaargangen definitief op de festivalkaart gezet. Op naar de vierde!
Foto’s: Wim Smeets




